Een kind dat je kent

 

Sommige kinderen worden opgevangen door opa en oma, een juf van de school, een bevriende buur ... Wanneer een kind een pleeggezin vindt bij bekenden, noemen we dat ‘Netwerkpleegzorg’.

 

Waarom pleeggezin worden voor een kind dat je kent?

Netwerkpleegzorg is vaak de beste oplossing wanneer ouders hun taak tijdelijk niet aankunnen. Het kind moet niet naar een vreemd gezin, weg van alles en iedereen dat het kent. Het kan naar een vertrouwd iemand, een gezin waar het al vaker kwam, een plek waar het al een beetje thuis is. Daarom onderzoeken we altijd eerst of het kind binnen het netwerk opgevangen kan worden. Lukt dat niet, dan gaan we op zoek naar een pleeggezin dat het kind nog niet kent, een bestandspleeggezin.

Bovendien krijg je als erkend pleeggezin ondersteuning van een pleegzorgbegeleider. Deze begeleider is een klankbord maar regelt ook administratieve zaken voor het verblijf.

 

Hoe word je pleeggezin van een kind dat je al kent?

De voorbereiding van een netwerkpleeggezin is anders dan die van een bestandspleeggezin. Er is immers al een band met het pleegkind. Vaak woont het kind zelfs al bij het pleeggezin. De voorbereiding bestaat uit een aantal gesprekken waarin we enkele thema’s overlopen. Samen bespreken we ook het verblijf van het kind in het gezin en werpen we een blik op de toekomst.

 

Wanneer kan je geen pleeggezin worden?

Soms kan een kind in een gezin terechtkomen zonder dat het erkend wordt als pleeggezin. Zo kan een ouder nooit pleegouder zijn van een eigen kind. Ook wanneer een of beide ouders op jouw adres wonen, kan je geen pleeggezin worden. Wanneer je als voogd ondersteuning wil krijgen van een pleegzorgdienst beslist de toegangspoort of je in aanmerking komt.